Communities That Care in Europa
Preventie die begint bij de cijfers, niet bij het programma
Communities That Care is een systeem waarmee een gemeenschap in kaart brengt welke risico’s haar jongeren lopen, interventies met bewezen effect kiest en meet of die hebben gewerkt. Het wordt in Europa toegepast sinds 1998; deze website brengt de Europese adaptaties bij elkaar.

Waar CTC voor staat.
Communities That Care staat voor een wetenschappelijk onderbouwde en door de gemeenschap zelf gedragen manier om elk kind en elke jongere veilig en gezond te laten opgroeien.
Een systematische aanpak
CTC werkt met gestructureerde methoden die gemeenschappen in staat stellen zelf te handelen. Het CTC-proces in vijf fasen verbindt wetenschappelijke evidentie met lokale expertise. Een heldere structuur en een vaste volgorde helpen gemeenschappen duurzame preventiestrategieën te ontwikkelen en uit te voeren.
Een Europees netwerk
CTC wordt in Europa toegepast sinds 1998: eerst in het Verenigd Koninkrijk en Nederland, daarna in Kroatië, Cyprus, Duitsland en Zweden, sinds 2025 in Estland en Ierland, en als pilots met de jongerenenquête in Oostenrijk, Griekenland en Portugal. Niet al deze processen lopen nog. Deze website legt per land vast wat openbaar gedocumenteerd is, met bronnen en controledata, en 11 landen staan al op de kaart.
Wat echt werkt
Effectiviteit en evidentie staan centraal in ons werk. Met het Sociaal Ontwikkelingsmodel, de gevalideerde CTC-jongerenenquête en de Europese interventiedatabanken vertrouwen wij op instrumenten die zijn getoetst. Ons doel is gemeenschappen te helpen hun beperkte middelen in te zetten voor maatregelen die aantoonbaar werken.
Preventie met systeem.
Communities That Care is een methode waarmee gemeenschappen hun preventiewerk plannen en sturen. Zij laat zien waar de behoeften en de sterke kanten liggen, en zet effectieve programma’s in die op maat zijn gekozen.
- Een lokale analyse op basis van cijfers, niet van onderbuikgevoel
- Programma’s met bewezen effect, gekozen uit Europese en nationale interventiedatabanken
- Een sectoroverstijgende coalitie van gemeente, sociaal werk, scholen, politie, gezondheidszorg en maatschappelijk middenveld
- Herhaalbare meting van resultaten met de CTC-jongerenenquête

5 fasen · één proces
De vijf fasen
Van bereidheid tot evaluatie. Elke fase heeft mijlpalen; geen enkele wordt overgeslagen.
Op basis van een eerlijke blik op de gemeenschap beslissen of CTC het juiste instrument is, en de mensen en middelen veiligstellen om te beginnen.
- Is de gemeenschap er klaar voor?
- Zijn de voorwaarden aanwezig om CTC in deze gemeenschap te laten werken?
- Steunen de belangrijkste lokale beslissers een gezamenlijke preventiestrategie?
- Op welke bestaande structuren kan de uitvoering steunen?
Een preventieteam opbouwen dat de analyse, de prioriteiten, het plan en de uitvoering ervan aankan, en het een visie geven die de gemeenschap deelt.
- Wie stuurt, en wie doet het werk?
- Zijn de mensen die over geld en prioriteiten beslissen aan boord?
- Wie houdt het CTC-proces ter plaatse, week na week, op gang?
- Zitten de professionals die het werk gaan uitvoeren aan tafel?
Aannames vervangen door gegevens: welke risicofactoren zijn verhoogd, welke beschermende factoren zijn zwak, waar in de gemeenschap, en wat daar al aan wordt gedaan.
- Wat zeggen de cijfers?
- Welke risicofactoren zijn verhoogd, en welke beschermende factoren zijn zwak?
- Hoe verhouden de resultaten zich tot regionale of nationale referentiecijfers?
- Aan welke twee tot vijf factoren geeft de gemeenschap prioriteit?
De prioriteiten omzetten in een geschreven, gefinancierd en goedgekeurd plan van bewezen effectieve programma’s, beleidsmaatregelen en praktijken, met meetbare doelen.
- Welke interventies passen bij de prioriteiten?
- Welke bestaande programma’s en voorzieningen moeten worden versterkt?
- Welke beproefde programma’s uit een interventiedatabank vullen de leemten?
- Welke meetbare doelen stelt de gemeenschap zichzelf?
- Waar komt het geld vandaan, en voor hoe lang?
De programma’s uitvoeren zoals ze zijn ontworpen, meten wat er verandert, en het preventieteam en de financiering lang genoeg in stand houden om de effecten zichtbaar te laten worden.
- Heeft het gewerkt, en wat verandert er nu?
- Hoe worden programma’s modelgetrouw en met voldoende bereik uitgevoerd?
- Hoe worden ze verankerd in instellingen, zodat ze het project overleven?
- Hoe worden tussentijdse resultaten gemeten, en hoe wordt het plan bijgesteld?
Wat de studies uitwezen
Het effect van Communities That Care is grondiger getoetst dan dat van bijna elk ander gemeenschapsgericht preventiesysteem. De belangrijkste cijfers komen uit de Community Youth Development Study (CYDS) in de Verenigde Staten, tot nu toe het sterkste gerandomiseerde langetermijnonderzoek naar gemeenschapsgerichte preventie. Australië en Duitsland laten zien wat er gebeurt wanneer het model reist.
Hoofdresultaat- +49%
- grotere kans op blijvende onthouding van zogenoemde gateway drugs tot 21 jaarBron: Oesterle et al. 2018
02- −11%
- lagere cumulatieve incidentie van geweld tot 21 jaarBron: Oesterle et al. 2018
03- +18%
- grotere kans om blijvend van antisociaal gedrag af te zienBron: Oesterle et al. 2018
04- +20%
- grotere kans op een universitair diploma op 23-jarige leeftijdBron: Kuklinski et al. 2021
05- 2,60 AUD
- opbrengst per geïnvesteerde Australische dollar in het Australische onderzoek naar alcoholpreventieBron: Abimanyi-Ochom et al. 2024
Wat de evidentie zegt, ook waar die dun is
Het sterkste bewijs komt uit een gerandomiseerd onderzoek in 24 plaatsen in zeven Amerikaanse staten. Australisch en Europees onderzoek vult het aan. Een Britse review uit 2025 noemde het gepoolde effect op geweld statistisch onzeker en kon op geen enkele Britse studie steunen; CTC liep in het Verenigd Koninkrijk voor het laatst in 2009. Wij presenteren het allemaal.
- Onderzoeksopzet
Community Youth Development Study (CYDS)
24 kleine plaatsen in zeven Amerikaanse staten (Colorado, Illinois, Kansas, Maine, Oregon, Utah, Washington), gekoppeld in 12 paren en in 2003 willekeurig toegewezen aan CTC of aan de controlegroep. Een cohort van 4.407 leerlingen werd vanaf het vijfde leerjaar gevolgd tot in de jongvolwassenheid (23 jaar); 76,4% deed mee bij de baseline en 92,5% van de steekproef nam bij de laatste meting in de adolescentie nog deel. De bevindingen hieronder, uit vijf meetronden, berusten op deze gegevens.
- Opzet
- clustergerandomiseerd gecontroleerd onderzoek, 12 paren
- Steekproef
- n = 4.407
- Deelname
- 76,4% bij de baseline
- Retentie
- 92,5% tot het einde van de adolescentie
- Observatie
- vijfde leerjaar tot 23 jaar
- Leerjaar 8 · economie
Na vijf jaar had elke geïnvesteerde dollar zich al terugverdiend.
In leerjaar 8, amper drie jaar na het begin van de implementatie, liet de eerste kosten-batenanalyse van CTC nettobaten zien van ongeveer 5.250 USD per kind. Het effect kwam vooral doordat significant minder jongeren voor het eerst tabak gebruikten en er minder delinquentie was. Zelfs bij conservatieve aannames bespaarde elke uitgegeven dollar 5,30 USD aan latere maatschappelijke kosten; bij plausibelere aannames 10,23 USD.
- Bron
- Kuklinski, Briney, Hawkins & Catalano 2012, Prevention Science
- Nettobaten
- 5.250 USD per kind
- Ratio (conservatief)
- 1 : 5,30
- Ratio (plausibel)
- 1 : 10,23
- Verklaard door
- minder tabak, minder delinquentie
- Leerjaar 8 tot 10 · geestelijke gezondheid
Geestelijke gezondheid volgt dezelfde risico- en beschermende factoren.
Depressieve symptomen delen de meeste van hun risico- en beschermende factoren met middelengebruik, delinquentie en antisociaal gedrag. Een longitudinale analyse van het CYDS-cohort (n = 2.002, leerjaar 8 en 10) liet zien dat jongeren die opgroeien in een belastende omgeving thuis, op school of in de gemeenschap vaker depressief zijn en tegelijk vaker gewelddadig of verslaafd. De auteurs spreken van co-effecten: het is aannemelijk dat een preventiesysteem zoals CTC, dat deze gedeelde factoren terugdringt, de geestelijke gezondheid verbetert zonder haar als primaire uitkomst te kiezen. De CTC-jongerenenquête volgt dit mechanisme met de gevalideerde korte depressieschaal van CTC, waarmee CTC een van de weinige gemeenschapsgerichte preventiesystemen is die internaliserende problemen überhaupt meten. Het is echter geen vastgesteld effect: de directe toets op klinische depressie en angst op 23-jarige leeftijd vond geen verschil tussen de onderzoeksarmen (Kuklinski et al. 2021). Daarom spreekt dit hoofdstuk van gedeelde factoren en observatie, niet van bewezen impact.
- Bron
- Monahan, Oesterle, Rhew, Hawkins 2014, J. Community Psychology
- Steekproef
- n = 2.002 (CYDS-deelsteekproef)
- Bevinding
- gedeelde risico- en beschermende factoren
- Bevestigd
- cross-sectioneel en longitudinaal
- Instrument
- korte depressieschaal van CTC (Rhew et al. 2016)
- Kwaliteit van de schaal
- sensitiviteit/specificiteit > 0,8 · AUC 0,91 (N = 3.939)
- Leerjaar 12 · gedrag
Minder drugs, minder delinquentie, minder geweld tot aan het einde van de schooltijd.
In het voorjaar van leerjaar 12 hadden jongeren uit CTC-gemeenschappen een significant grotere kans dan die uit controlegemeenschappen om zich volledig te hebben onthouden van drugs, alcohol, tabak en delinquentie. Ze hadden ook een kleinere kans ooit gewelddadig te zijn geweest. Opvallend is dat de effecten drie jaar na het einde van de onderzoeksfinanciering nog standhielden.
- Bron
- Hawkins, Oesterle, Brown et al. 2014, JAMA Pediatrics
- RR onthouding van drugs
- 1,32 (BI 1,06–1,63)
- RR onthouding van alcohol
- 1,31 (BI 1,09–1,58)
- RR onthouding van tabak
- 1,13 (BI 1,01–1,27)
- RR onthouding van delinquentie
- 1,18 (BI 1,03–1,36)
- RR ooit gewelddadig
- 0,86 (BI 0,76–0,98)
- 21 jaar · blijvende effecten
De effecten houden aan tot in de jongvolwassenheid.
Op 21-jarige leeftijd, ongeveer elf jaar na het begin van de interventie, bevestigde de follow-up van de CYDS dat de cumulatieve incidentie van middelengebruik, antisociaal gedrag en geweld in CTC-gemeenschappen significant lager blijft. CTC voorkomt niet alleen het eerste gebruik in de adolescentie; het verschuift het risicoprofiel van hele geboortecohorten, ook nadat de jongeren de onderzoeksplaatsen allang hebben verlaten. De bevindingen betreffen blijvende onthouding en cumulatieve maten; op de prevalentie in het afgelopen jaar vond het onderzoek geen effect.
- Bron
- Oesterle, Kuklinski, Hawkins et al. 2018, AJPH
- Uitkomst
- cumulatieve incidentie
- Leeftijd bij follow-up
- 21
- Domeinen
- middelengebruik · antisociaal gedrag · geweld
- Betekenis
- het effect houdt stand tot in de volwassenheid
- 23 jaar · economie op lange termijn
Twaalf jaar na de baseline loont CTC nog steeds.
Op 23-jarige leeftijd, twaalf jaar na de baseline, was de baten-kostenratio gestegen tot ongeveer 1 : 12,88. Daarmee is CTC een van de weinige preventiestrategieën met een gedocumenteerd langetermijnrendement over meerdere levensfasen, van de schoolleeftijd via het eindexamen tot in de jongvolwassenheid. De positieve effecten op middelengebruik en delinquentie houden aan.
- Bron
- Kuklinski, Oesterle, Briney, Hawkins 2021, Prevention Science
- Ratio
- 1 : 12,88
- Leeftijd bij follow-up
- 23
- Observatie
- 12 jaar sinds de baseline
- Over de meetronden
- 1 : 5,30 (leerjaar 8) → 1 : 8,22 (leerjaar 12) → 1 : 12,88 (23 jaar)
- Australië · kosten-batenanalyse
Australië laat zien dat CTC ook buiten de Verenigde Staten loont.
Een kosten-batenanalyse van de eerste vier Australische CTC-gemeenschappen (2001–2015) onderzocht, vanuit een beperkt maatschappelijk perspectief, of de afname van alcoholgebruik onder 10- tot 14-jarigen opweegt tegen de kosten van het uitvoeren van CTC. Het antwoord: 2,60 AUD opbrengst per geïnvesteerde Australische dollar, bij gemiddelde kosten van 48 AUD per jongere over 15 jaar tegenover 123 AUD aan vermeden latere kosten. De Australische aanpak is veel conservatiever dan de Amerikaanse analyses: zij telt één enkele uitkomst (alcoholgebruik) en alleen de interventieperiode, zonder modellering over de levensloop. Vooral de lopende kosten per hoofd waren radicaal lager: 3 AUD per jongere per jaar tegenover 199 AUD in het Amerikaanse onderzoek. De CTC-infrastructuur kan binnen andere zorg- en welzijnsstelsels kennelijk veel goedkoper in stand worden gehouden, en dat is van belang voor elke Europese adaptatie.
- Bron
- Abimanyi-Ochom, Wanni Arachchige Dona, Bohingamu Mudiyanselage, Toumbourou, Rowland et al. 2024, PLOS ONE
- Context
- 4 CTC-gemeenschappen, 2001–2015, 10–14 jaar
- Baten-kostenratio
- 1 : 2,6
- Vermeden kosten
- 123 AUD per jongere / 15 jaar
- Lopende kosten AU
- 3 AUD per hoofd / jaar
- Vergeleken met de Amerikaanse CYDS
- 199 AUD per hoofd / jaar
- Belangrijkste factor
- 93% van de baten uit minder criminaliteit en geweld
- Duitsland · CTC-EFF
De Duitse replicatie: CTC-EFF aan de Medizinische Hochschule Hannover.
CTC wordt sinds 2009 in Duitse gemeenschappen toegepast. De CTC-EFF-studie aan de Medizinische Hochschule Hannover, gefinancierd door het Duitse federale ministerie van Onderwijs en Onderzoek, bracht de vraag van de CYDS over naar een niet-gerandomiseerde opzet: 22 gematchte paren van gemeenschappen uit vier deelstaten, bevraagd via 318 lokale sleutelfiguren op twee tijdstippen (2021/22 en 2023/24). Het is de eerste gecontroleerde effectiviteitsstudie van CTC in Duitsland, onder twee omstandigheden die het Amerikaanse onderzoek niet kende: de hele onderzoeksperiode viel in de pandemiejaren, en de gemeenschappen ontvingen geen geld van de studie, terwijl elke CYDS-gemeenschap een betaalde coördinator had. De implementatie kwam dan ook weinig vooruit, en op systeemniveau veranderde geen van de drie uitkomsten significant. Op programmaniveau verdubbelde het aantal bewezen effectieve programma’s dat in CTC-gemeenschappen werd uitgevoerd ruimschoots (van 3,57 naar 8,57 per 10.000 inwoners), terwijl de stijging in de vergelijkingsgemeenschappen onder de significantiegrens bleef, al kon een verschil tussen beide groepen uiteindelijk niet worden aangetoond (Decker et al. 2025). De auteurs benadrukken dat dit geen bewijs is dat CTC ineffectief of onoverdraagbaar zou zijn, en bevelen een derde meetronde aan.
- Bron
- Röding, von Holt, Decker & Walter 2026 en Decker et al. 2025, Prevention Science; opzet: Röding et al. 2022, Prävention und Gesundheitsförderung
- Financiering
- BMBF, 2021–2023
- Opzet
- niet-gerandomiseerde vergelijking van gemeenschappen, 22 gematchte paren
- Steekproef (gemeenschappen)
- 18 interventie- + 11 vergelijkingsgemeenschappen in de analyse
- Steekproef (sleutelfiguren)
- n = 318
- Invoering van wetenschappelijk onderbouwde preventie
- geen significante verandering (b = 0,272; SE = 2,306; p = 0,906)
- Programma’s per 10.000 inwoners
- 3,57 → 8,57 (p = 0,004)
- Studieregistratie
- DRKS00022819
Europa
Waar CTC in Europa actief is, en was
Wat er per land openbaar gedocumenteerd is over Communities That Care: lopende processen, eerdere projecten en enquêteadaptaties, en de organisaties erachter. Deze website bundelt openbare informatie en spreekt niet namens de genoemde organisaties of initiatieven. Elke vermelding is voorzien van bron en datum; organisaties worden bij naam genoemd wanneer zij daarmee hebben ingestemd of wanneer hun rol in openbare bronnen is gedocumenteerd.
Legenda
- Gevestigd
- Hier lopen al jaren CTC-processen, met een partnerorganisatie die gemeenschappen traint en ondersteunt.
- Pilotfase
- De eerste gemeenschappen doorlopen de vijf fasen; resultaten zijn er nog niet.
- In aanpassing
- De methode en de enquête worden aan het land aangepast; nog geen proces in een gemeenschap.
- Enquête aangepast
- De CTC-jongerenenquête is hier vertaald en getest, meestal via EU-projecten; er is geen proces in een gemeenschap bekend.
- Eerdere projecten
- CTC liep hier in het verleden, als programma of als EU-project; er is geen huidige activiteit bekend.
- CTC-gemeenten (61)
- Gemeenten die een CTC-proces doorlopen: in Duitsland zoals op de Duitse site, elders volgens het overzicht; stippen zonder naam.
- Scholen in Duitsland (143)
- Schools That Care en Weitblick: het proces aangepast aan één school; stippen zonder naam.
Laatst gecontroleerd op 16 september 2026
Drie door de EU gefinancierde projecten sinds 2008, waarvan één lopend, en elk jaar een netwerkbijeenkomst van de Europese CTC-groepen op de EUSPR-conferentie.Gesteund door Europa
Veelgestelde vragen
Voor gemeenschappen die CTC overwegen, en voor ouders en scholen die gevraagd worden aan een enquête mee te doen.
Wat is Communities That Care precies, en wat wil het bereiken?
Communities That Care is een systeem dat een gemeenschap helpt preventie te plannen op basis van haar eigen gegevens. Het brengt de mensen samen die het leven van jongeren ter plaatse vormgeven, van scholen en jeugdzorg tot politie, gezondheidszorg en gemeente. Het leidt hen door vijf fasen: de bereidheid peilen, de organisatie opzetten, op basis van een jongerenenquête een profiel van de lokale risico- en beschermende factoren opstellen, programma’s met bewezen effect kiezen die bij de prioriteiten passen, en die uitvoeren met het oog op resultaten.
Het doel is probleemgedrag onder jongeren te verminderen, in de eerste plaats middelengebruik, geweld en criminaliteit, en een gezonde ontwikkeling te bevorderen. Dat doet het door de omstandigheden te veranderen waarin jongeren opgroeien, in plaats van problemen te behandelen nadat ze zijn ontstaan.
Is er wetenschappelijk bewijs dat CTC werkt?
Ja, met eerlijke kanttekeningen. Het belangrijkste bewijs is de Community Youth Development Study, een gerandomiseerd gecontroleerd onderzoek in 24 Amerikaanse plaatsen dat meer dan 4.400 jongeren volgde van hun tiende tot in de volwassenheid. Jongeren in CTC-plaatsen begonnen later met alcohol en tabak, vertoonden minder delinquentie en geweld, en de verschillen hielden stand tot 21-jarige leeftijd. Over twaalf jaar leverde het onderzoek bijna dertien dollar aan vermeden schade op voor elke geïnvesteerde dollar.
Een quasi-experimentele vergelijking in Australië vond een positief maar kleiner effect. De Europese evidentie tot nu toe laat zien dat CTC-gemeenschappen meer bewezen effectieve programma’s invoeren, heeft de bredere systeemverandering die het Amerikaanse onderzoek vond nog niet aangetoond, en is nog dunner wat betreft gedragsuitkomsten. Een review van het Britse Youth Endowment Fund uit 2025 beoordeelde het effect op geweld als statistisch onzeker en raadde af nieuwe CTC-locaties in het Verenigd Koninkrijk op te zetten totdat de aanpak daar opnieuw is getoetst. Geen van de gepoolde studies kwam uit het Verenigd Koninkrijk, waar Communities that Care UK in 2009 haar activiteiten staakte. De evidentiepagina zet dit alles op een rij.
Hoe verbindt CTC de risico’s en de sterke kanten van jongeren?
Via het concept van risico- en beschermende factoren. Onderzoek over meerdere decennia heeft omstandigheden in gezin, school, vriendengroep en buurt aangewezen die probleemgedrag waarschijnlijker maken, en andere die het minder waarschijnlijk maken. Veel ervan werken op meerdere uitkomsten tegelijk: een zwakke binding met school vergroot het risico op zowel drugsgebruik als criminaliteit, en een sterke gezinsband beschermt tegen beide.
CTC meet deze factoren lokaal met de jongerenenquête en vraagt de gemeenschap te werken aan de twee tot vijf factoren die er in haar eigen cijfers het meest toe doen. Bescherming versterken telt net zo zwaar als risico’s verminderen. De pagina over de aanpak licht het Sociaal Ontwikkelingsmodel toe dat hierachter zit.
Hoe verloopt een CTC-proces in een gemeenschap, en hoeveel werk is het?
In vijf fasen, meestal verspreid over twaalf tot achttien maanden voordat de eerste programma’s van start gaan. Fase één maakt duidelijk of de gemeenschap er klaar voor is: is er politieke steun, en is er iemand bereid de leiding te nemen? Fase twee bouwt de coalitie en de werkstructuur op. Fase drie neemt de jongerenenquête af en vertaalt de resultaten in een wijkprofiel. Fase vier kiest programma’s die passen bij de geprioriteerde factoren en regelt de financiering ervan. Fase vijf voert ze uit en meet wat er is veranderd.
Het werk komt vooral neer op een lokale coördinator, doorgaans een halve tot een volledige formatieplaats, en op de leden van de coalitie, die in de fasen twee tot en met vier regelmatig bijeenkomen. Training voor beiden maakt deel uit van het proces en wordt verzorgd door de organisatie die CTC in het land ondersteunt, een preventieraad, een onderzoeksinstituut of een organisatie zonder winstoogmerk, waar die bestaat.
Wie zit er in een CTC-stuurgroep, en wat beslist die?
Twee organen, in de meeste implementaties. Een kleine groep sleutelfiguren, de hoofden van de organisaties die het geld en de mensen leveren waarvan het proces afhangt: de burgemeester of de verantwoordelijke wethouder, de directeuren van jeugd, onderwijs, gezondheid en sociale zaken, de politiechef. Zij geven het mandaat en houden de deuren open. En een preventieteam van professionals, de mensen die scholen, jongerencentra, gezinsvoorzieningen en verenigingen leiden, samen met bewoners en, idealiter, jongeren zelf. Het preventieteam doet het werk: het leest het profiel, stelt de prioriteiten en kiest de programma’s.
Het onderscheid doet ertoe. Wanneer de sleutelfiguren het werk van het preventieteam proberen te doen, of het preventieteam geen mandaat van de sleutelfiguren heeft, loopt het proces vast.
Moeten we CTC in de hele stad invoeren, of beginnen met een pilotgebied?
Begin waar de coalitie werkelijk kan werken. In een plaats van dertigduizend inwoners is dat misschien de hele plaats. In een stad zijn het meestal een of twee wijken met eigen scholen en voorzieningen, waar de mensen aan tafel elkaar kennen. Een pilotgebied geeft de coalitie een echt profiel om mee aan de slag te gaan en laat de stad het proces leren voordat ze het opschaalt.
Waar het om gaat, is dat het enquêtegebied en het actiegebied samenvallen. Een hele stad bevragen en vervolgens in één wijk aan de slag gaan, levert een profiel op waarin die wijk zichzelf niet herkent.
Van onderzoeksmodel tot Europese praktijk.
Lees hoe CTC aan de University of Washington ontstond, wat het Sociaal Ontwikkelingsmodel zegt, en hoe gemeenschappen van Malmö tot Newbridge de aanpak sinds het einde van de jaren negentig hebben aangepast.
